EU ontwikkelingen : DAC 7, CESOP, e-invoicing, e-reporting… kan u nog volgen?

Nov 3
Het is ondertussen genoegzaam bekend dat het dichten van de “VAT gap” zeer hoog op de EU agenda staat en door beleidsmakers als een absolute prioriteit wordt beschouwd.
Een aantal initiatieven moeten bijdragen tot het bereiken van dit beoogde doel. Deze verregaande hervormingen zijn naar ons aanvoelen niet altijd bekend bij het bredere publiek.
In deze post staan we stil bij een aantal van deze hervormingen.
DAC-7

Dit betreft een uitbreiding van de Richtlijn 2011/16/EU (Directive on Administrative Cooperation). In essentie gaat dit om nieuwe regelgeving die tot doel heeft om de transparantie van transacties in de digitale economie te vergroten.

Deze ontwikkeling kadert in de exponentiele groei van de e-commerce. Landen over de hele wereld proberen hun btw-stelsels aan te passen aan deze boomende sector met de bedoeling om de btw-inkomsten veilig te stellen.

Vanaf juli 2021 is er in de EU een radicale hervorming van de e-commerce btw-regels doorgevoerd, die weliswaar een aantal miljarden extra heeft opgeleverd. Een deel van de hervorming viseert platforms die een belangrijkere rol hebben krijgen in de afdracht van btw op verkopen die zij faciliteren. Dit gaat om een relatief kleine groep van zeer grotere spelers, die tussenkomen in veruit het grootste deel van de e-commerce transacties en die gemakkelijker richting compliance geduwd kunnen worden.

De opkomst van digitale platformen brengt wereldwijd grote uitdagingen met zich mee. Het gaat dan voornamelijk over het risico dat verkopers (vaak ondernemers op kleinere schaal) die de inkomsten die zij via digitale platformen genereren niet (of niet volledig) aangeven.

Om dit risico aan te pakken worden digitale platforms binnenkort verplicht om bepaalde gegevens te verzamelen, controleren en jaarlijks te rapporteren aan de bevoegde belastingautoriteiten in hun eigen Lidstaat.

De data zal vervolgens gedeeld worden met de fiscus in de EU-lidstaat waar de verkoper woont (of in het geval van een verhuur van onroerend goed, de EU-lidstaat waar het pand gelegen is).

Digitale platformen die niet in de EU zijn gevestigd, zullen zich in een lidstaat moeten registreren om aan deze richtlijn te voldoen.

Digitale platformen worden geacht in 2024 te rapporteren voor transacties over het kalenderjaar 2023.

Dit betekent dat digitale platforms die geïmpacteerd worden al vanaf 1 januari 2023 een proces moeten hebben om de data te verzamelen, controleren en rapporteren aan een belastingautoriteit.

De verzamelde data kan de fiscus dan gebruiken om controles op zowel btw als inkomstenbelasting uit te voeren.

Quid België?

België heeft reeds een lichte vorm van DAC 7 geïmplementeerd. De zogenaamde Belgische ‘DAC 7 light’ is reeds van toepassing sinds 9 januari 2021 (wet van 20 december 2020 houdende dringende fiscale en fraudebestrijding bepalingen). De Belgische rapporteringsverplichting heeft een iets wat lichtere scope dan de EU versie. De implementatie van de richtlijn DAC-7 is evenwel voorwerp van een wetsontwerp dat reeds op 23 september door de minsterraad werd goedgekeurd en momenteel bij de Raad van State hangende is voor advies.

CESOP / nieuwe (super) EU database

Een andere belangrijke groep waarnaar wordt gekeken om het btw-gat verder dicht te rijden zijn de betalingsdienstaanbieders (PSP’s).

De betalingsdienstaanbieders worden vanaf 2024 verplicht om inlichtingen over grensoverschrijdende betalingen bij te houden in elektronische registers.
Een rapportageverplichting zou gelden vanaf een drempel van 25 betalingen aan dezelfde begunstigde per kwartaal.

Deze drempel is bedoeld om privé (niet-commerciële) grensoverschrijdende betalingen buiten de registratieplicht voor betalingsdienstaanbieders te houden.
De elektronische registers zullen vervolgens data uitwisselen met een nieuw op te richten centrale EU-database dat in het jargon bekend staat onder de noemer: het Central Electronic System of Payment Information of kortweg; CESOP.

De CESOP database zal door lokale fraude-experts gebruikt kunnen worden met het doel om btw-fraude op te sporen. Dankzij de nieuwe regels zullen de lidstaten op een gestructureerde en uniforme wijze een schat aan data van betalingsdienstaanbieders kunnen verzamelen.

Het is nog maar eens een nieuw instrument voor lidstaten om hen te helpen een beter inzicht te verschaffen in grensoverschrijdende geldstromen met het oog op een efficiënte controle op btw-verplichtingen.

VAT in the digital age

Tot slot beweegt er ook heel wat op Europees niveau rond e-invoicing en e-reporting.

Het initiële plan om de VAT gap dicht te rijden, was het controversiële plan om de btw-vrijstelling voor IC leveringen, die in de praktijk zeer fraudegevoelig blijkt, te vervangen door een btw-belaste behandeling.

De bedoeling hierbij was om de btw-heffing op deze transacties via een centrale btw-registratie (one stop shop) te laten lopen.

Maar dit dossier lijkt zo goed als begraven. De lidstaten blijken elkaar niet voldoende te vertrouwen. En de cijfers geven hun geen ongelijk. Op basis van het meest recente onderzoek vertoont de VAT gap, een cijfer dat ook gebruikt wordt om de efficiëntie van btw-inning te meten, enorme verschillen doorheen de Lidstaten. Roemenië blijkt de kampioen te zijn met 34,9 % misgelopen btw-inkomsten, gevolgd door Griekenland (25,8 %) en Litouwen (23,5 %). De kleinste VAT gap werd opgetekend in Kroatië (1,0 %), Zweden (1,4 %) en Cyprus (2,7 %).

De meeste EU lidstaten hebben dan maar op eigen initiatief beslist om over te gaan tot systemen van e-invoicing of e-rapportering, of zijn van plan deze binnenkort te implementeren.

Een constante in het Europese verhaal is evenwel dat elk EU-lidstaat het anders aanpakt. De variaties in de regels zorgen voor administratieve problemen voor bedrijven en maakt het voor bedrijven moelijker en kostelijker om te voldoen aan de tsunami van nieuwe regels.

De EU Commissie zal in een poging om meer harmonisatie te bekomen eerstdaags met een voorstel komen in het kader van haar “VAT in the Digital Age”-initiatief. Deze heeft het voorstel reeds informeel met de EU-lidstaten besproken en vertrouwt erop dat het voorstel de toets van de vereiste unanimiteit zal doorstaan.

Meer details over deze EU voorstellen zouden door de Europese commissie vrijgegeven worden op 16 november 2022.

Tot slot zijn er in België ook zeer concrete plannen om verplichte e-facturering in te voeren voor business-to-business (B2B) transacties. Een dergelijke implementatie kan alleen maar mits goedkeuring van de EU. Naar aanleiding van de Europese feedback worden de initiële e-facturatie plannen bijgestuurd en naar verwachting uitgebreid met de invoering van een verplichte transactionele rapportering. Wordt dus binnenkort vervolgd.